Naast de ondernemingsraad en het CPBW telt je bedrijf vaak nog een ander orgaan: de vakbondsafvaardiging. De vakbondsafvaardiging wordt meestal opnieuw samengesteld naar aanleiding van de sociale verkiezingen, al kan een vakbondsafvaardiging ook worden opgericht in een bedrijf dat geen verkiezingen moest organiseren. We lichten kort de basisprincipes van het statuut van de vakbondsafvaardiging toe.

Oprichting

Anders dan voor de sociale verkiezingen, is de werkgever niet verplicht om een vakbondsafvaardiging op te richten. Het zijn de vakbonden die de oprichting moeten vragen en moeten aantonen dat de voorwaarden voor de oprichting vervuld zijn.

In de metaalsectoren variëren de drempels voor oprichting van 10 tot 40 arbeiders, waardoor de drempel voor een vakbondsafvaardiging meestal lager is dan voor het CPBW. Vaak wordt er ook bepaald dat er een minimum aantal vakbondsleden in het bedrijf moet zijn. Soms moet voor de oprichting een hele procedure worden gevolgd waarbij zelfs de voorzitter van het paritair comité wordt betrokken.

Aanstelling

In de regel worden de leden van de vakbondsafvaardiging niet verkozen, maar aangesteld door de vakbonden. Het aantal mandaten dat aan elke organisatie toekomt, wordt bepaald op basis van het ledenaantal van elke vakbond of de uitslag van de sociale verkiezingen.

Vaak is een zekere anciënniteit in het bedrijf vereist om vakbondsafgevaardigde te kunnen worden. In een minderheid van de sectoren moeten de leden van de vakbondsafvaardiging gekozen worden uit de leden van de ondernemingsraad of het CPBW.

Duur

De paritaire comités bepalen zelf de duur van het mandaat, maar dit mag in geen geval langer zijn dan vier jaar. De mandaten zijn hernieuwbaar. Deze hernieuwing gebeurt meestal binnen de 6 maanden na de sociale verkiezingen.

Bevoegdheden

De vakbondsafvaardiging beschikt over vrij uitgebreide bevoegdheden. Zo is ze bevoegd voor de naleving van de sociale wetgeving, het voorkomen en oplossen van collectieve en individuele geschillen en de onderhandelingen met het oog op het sluiten van collectieve arbeidsovereenkomsten of akkoorden in de onderneming.

Door de wetgeving of sectorale cao’s worden haar vaak extra bevoegdheden toegekend. Ook neemt de vakbondsafvaardiging een aantal taken over van de ondernemingsraad of het CPBW als die niet aanwezig zijn in het bedrijf.

Bescherming

Het mandaat van vakbondsafgevaardigde mag geen aanleiding geven tot nadelen of speciale voordelen. Dit betekent dat de afgevaardigde recht heeft op de normale promoties en bevorderingen van de categorie werknemers waartoe hij behoort.

Bovendien mogen de vakbondsafgevaardigden niet ontslagen worden om redenen die eigen zijn aan de uitoefening van hun mandaat. Wordt de ontslagverbod miskend, dan moet een forfaitaire vergoeding gelijk aan het brutoloon van één jaar worden betaald.

Deze ontslagbescherming is beperkter dan die van de werknemersvertegenwoordigers in ondernemingsraad of het CPBW. Neemt de vakbondsafvaardiging echter de taken van het CPBW over, dan genieten haar leden dezelfde ontslagbescherming als de verkozenen in de ondernemingsraad of het CPBW.

Faciliteiten

De vakbondsafgevaardigden moeten beschikken over de nodige tijd en middelen om hun taken uit te oefenen. Ze hebben ook het recht om cursussen of seminaries te volgen en moeten beschikking krijgen over een lokaal. De sectorcao’s bevatten vaak ook afspraken over het gebruik van elektronische communicatiemiddelen.

Meer info?

De cao’s van de verschillende sectoren vind je onder het nummer 510 van de sectorale cao-brochure. Opgelet: voor de metaalbouw bestaan er ook regionale cao’s. Bovendien kunnen er ook op bedrijfsniveau afspraken zijn gemaakt over de vakbondsafvaardiging. Neem dus bij twijfel steeds contact op met je secretaris!