De verkiezingen zijn bij jou op het bedrijf voorbij en je bent verkozen? Proficiat! Je wil nu vast wel weten wat je als werknemersafgevaardigde mag verwachten de volgende weken. De wet bepaalt dat de eerste vergadering van de ondernemingsraad of het CPBW moet plaatsvinden binnen de dertig dagen na het vervallen van de bezwaartermijn voor de resultaten van de sociale verkiezingen. Vermits de verkiezingen tot 15 dagen na de stemming kunnen worden betwist, zal deze installatievergadering dus moeten worden georganiseerd binnen de 45 dagen na de verkiezingsdag. In de ondernemingen waar reeds een ondernemingsraad of CPBW bestond, kan het huishoudelijk reglement echter voorzien in een kortere termijn.


Samenstelling ondernemingsraad en CPBW

Op de installatievergadering worden de ondernemingsraad en het CPBW officieel samengesteld. De ondernemingsraad en het CPBW bestaan, naast afgevaardigden die de werknemers vertegenwoordigen, ook uit afgevaardigden die de werkgever vertegenwoordigen. De afgevaardigden van de werkgever worden door de werkgever aangeduid onder het leidinggevend personeel van de onderneming. Ze moeten voorkomen op de lijst van het leidinggevend personeel die in het kader van de sociale verkiezingen is vastgesteld. Het aantal werkgeversafgevaardigden mag niet hoger zijn dan het aantal verkozen werknemersafgevaardigden.

Aanduiding voorzitter en secretaris

Op de installatievergadering worden de voorzitter en de secretaris van de ondernemingsraad of het CPBW aangeduid. Het voorzitterschap van de ondernemingsraad komt steeds toe aan een werkgeverafgevaardigde. De secretaris van de ondernemingsraad is daarentegen altijd een werknemersafgevaardigde. Bij het CPBW wordt het secretariaat waargenomen door de preventieadviseur. Eventueel kunnen ook een ondervoorzitter en een plaatsvervangend secretaris worden aangeduid.

Goedkeuring huishoudelijk reglement

Op de installatievergadering wordt ook het huishoudelijk reglement goedgekeurd. Elke ondernemingsraad en CPBW is verplicht om een huishoudelijk reglement op te stellen. Een bestaand reglement mag worden overgenomen als het opnieuw wordt goedgekeurd op de installatievergadering. Voor de ondernemingsraad moet dit reglement minstens tien wettelijk verplichte vermeldingen bevatten, maar het mag worden uitgebreid met andere punten. In sommige paritaire comités werd een model van huishoudelijk reglement opgesteld. In de metaalsectoren hebben de metaalbouw (111.01-02), de monteerders (111.03) en de non-ferro (104) zo’n model van huishoudelijk reglement. Ook het CPBW is trouwens verplicht een huishoudelijk reglement op te stellen, maar de minimale vereisten daarvan zijn beperkter.

Opstelling planning vergaderingen

Op de installatievergadering kan tevens een vergaderkalender worden afgesproken. De ondernemingsraad en het CPBW vergaderen tenminste 1 keer per maand en telkens wanneer een derde van de werknemersafgevaardigden erom vraagt. Specifiek voor de ondernemingsraad moet de werkgever binnen de twee maanden na de verkiezingen schriftelijk de basisinformatie verstrekken. Deze informatie moet worden besproken tijdens een vergadering buiten de normale kalender van de vergaderingen en ten vroegste 15 dagen en ten laatste 2 maanden na de mededeling van de basisinformatie. Ook voor de jaarlijkse en periodieke informatie moet een extra vergadering worden georganiseerd. Voor de basisinformatie en de jaarlijkse informatie moeten bovendien minstens 8 uur worden voorzien.

Einde bescherming

Op de datum van de installatievergadering eindigt bovendien de bescherming van de bij de vorige sociale verkiezingen verkozen werknemersafgevaardigden, evenals de bescherming van de kandidaten die bij de vorige sociale verkiezingen voor de eerste keer niet verkozen waren.