NIEUWS

ABVV-Metaal Nieuws.
Blijf op de hoogte met ons nieuwsoverzicht

 

Hout vasthouden, maar normaal gezien gaat de band vandaag opnieuw aan het rollen bij Ford Genk en bij de toeleveranciers. Een meerderheid van de werknemers koos er bij een anonieme stemming voor om weer aan de slag te gaan. De komende drie maanden zullen we veertig dagen werken, en met een toeslag van 40 procent op ons loon duizend wagens per dag fabriceren. Een minuscuul doekje voor het bloeden. Maar nog altijd beter dan niét werken in de komende drie maanden. Door weer aan de slag te gaan, beginnen immers ook de onderhandelingen over een sociaal akkoord opnieuw. Het was een cruciale voorwaarde om jobs te redden, om bijvoorbeeld een overnemer te kunnen vinden voor bepaalde delen van de fabriek.

Het was een cruciale voorwaarde om een zo goed mogelijk sociaal plan uit de brand te slepen, om de afscheidspremies zo hoog mogelijk te houden voor die jobs die we toch niet kunnen redden. Gingen we vandaag niet terug aan het werk, dan moesten de werknemers van Ford en de toeleveranciers het de komende maanden niet alleen zien te rooien met nog veel minder geld (een werkloosheidsvergoeding verzinkt in het niets bij de combinatie van werken en tijdelijke werkloosheid), ze zouden ook geen enkel uitzicht hebben op duidelijkheid over hun toekomst.

To work or not to work? Het was een heel moeilijke keuze die heel wat kerstvakanties vergald heeft. Ford heeft zich de voorbije maanden van zijn allerslechtste kant getoond, getoond dat het voor geen cent te vertrouwen is. Ik heb alle begrip voor mijn collega's die hun hart laten spreken, en in een emotionele reflex weigeren om nog één dag te werken voor de werkgever die hen eerst jarenlang uitgeperst heeft en hen nu op straat wil zetten. Maar ik heb geen begrip voor de populisten aan de poort, die de miserie van de werknemers van Ford en de toeleveranciers schaamteloos misbruiken. Populisten die niet bij Ford of een van de toeleveranciers werken, maar toch halve waarheden en hele leugens verspreiden om de werknemers op te jutten. Paniekzaaiers die beweren op te komen voor de werknemers, maar hen in de praktijk op droog zaad zetten en hen finaal helemaal met lege handen naar huis dreigen te sturen. Zonder werk, zonder vangnet. Eigenlijk zijn het objectieve bondgenoten van de Ford-directie.

De stemming over het al dan niet hervatten van het werk was maar een eerste stap. Een voorwaarde om de onderhandelingen over een sociaal akkoord te hervatten. Dan volgt de echte test. Op het resultaat van die onderhandelingen mogen de vakbonden afgerekend worden, goed wetend dat geen enkel akkoord ooit goed genoeg zal zijn. Alleen het openhouden van de fabriek met werkzekerheid tot 2020, zoals beloofd, is echt goed genoeg. Maar als we nu tweespalt toelaten tussen de werknemers van Ford Genk en die van de toeleveranciers, geven we én de populisten én de directie van Ford wat ze willen. Het is niet zo heel moeilijk om parallellen met de politiek te zien in de situatie bij Ford Genk en de toeleveranciers. Het opzwepen om niet te onderhandelen en geen akkoorden te sluiten aan de ene kant, het trekken en sleuren om oplossingen te zoeken aan de andere kant. En misschien moet rechts Vlaanderen eens kijken aan welke kant de vakbond staat. Met het ABVV hebben we voluit gekozen voor werk, voor jobs, voor een akkoord. En we hebben die keuze met open vizier verdedigd. Waar zijn de vakbondsbashers nu?

Meryame Kitir - column verscheen gisteren in De Morgen