Na drie maanden onderhandelen en diverse waarschuwingsstakingen is er een akkoord gesloten in de metaal in de Duitse deelstaat Baden-Württemberg. In de sectoren metaalverwerking, machinebouw, autoassemblage en elektrotechniek komt er dit jaar 3,4 procent loon bij, plus een eenmalige premie van 150 euro.  Individuele bedrijven kunnen, onder bepaalde voorwaarden, besluiten om het loonakkoord niet te volgen. Traditioneel volgen de andere deelstaten en sectoren dit akkoord. Volgens IG Metall zal die koopkrachtverhoging de binnenlandse consumptie aanwakkeren en zo de groei van de Duitse economie ondersteunen.
 
Volgens Frank Vandermarliere, hoofdeconoom van Agoria, zorgt de Duitse loonstijging ervoor dat de bestaande loonkloof tussen de Belgische en de Duitse industrie gehalveerd wordt.
 
Herwig Jorissen, voorzitter ABVV-Metaal, is tevreden met het Duitse loonakkoord. “ Ze krijgen na jaren van loonmatiging nu eindelijk waar ze recht op hebben, in verhouding tot hun hoge productiviteit en arbeidskwaliteit. Bij ons zitten we echter gevangen in het nationaal carcan van maximaal 0,8 procent opslag in twee jaar. En dan nog met de nadruk op netto loonstijgingen, zoals via maaltijdcheques.” ABVV-Metaal  wil het sectoroverleg met de werkgevers niet overhaasten. “Als het van ons afhangt gaat dat pas na Pasen - ergens half april - echt van start.”