de voorzitter

De Voorzitter gaat de dialoog aan. Het gedacht van Georges De Batselier.

 

Leden ABVV-Metaal op lijsten VB geschrapt

In ons vorige edito hebben we er geen doekjes om gewonden. We zeiden klaar en duidelijk dat er voor ons er één partij is waar syndicalisten absoluut niet voor konden stemmen: het VB. In vergelijking met de gemeenteraadsverkiezingen van 2000 is het VB opnieuw vooruit gegaan. Dat is zondermeer betreurenswaardig. Maar in vergelijking met de verkiezingen van 2004 heeft het VB – eindelijk – 80.000 stemmen verloren. Samen met de uitslagen in Antwerpen en in Gent, waar het VB afgeblokt werd, is dat een eerste positieve signaal. Een signaal ook dat er wel degelijk iets te doen valt tegen de zwarte opmars van de laatste vijftien jaren.

In datzelfde edito kondigden we ook aan dat we na de verkiezingen zouden nagaan of er geen leden op VB-lijsten stonden. Wie er op voorkwam, zou – zoals in onze statuten staat – automatisch geschrapt worden: omdat in onze rangen geen plaats is voor racisme en intolerantie. 

We hebben de gewoonte om na de verkiezingen hetzelfde te zeggen als ervoor. Wel, voor ABVV-Metaal hebben we de oefening gemaakt. Wanneer we dit edito schrijven heeft één afdeling nog niet alle lijsten gecontroleerd. Op dit moment zijn er 39 ABVV-Metaalleden die op lijsten van het VB gestaan hebben (verwachten we een eindresultaat tussen de 45 en de 50). We hebben het inderdaad over leden. Slechts bij grote uitzondering gaat het om militanten.

Is dat veel? JA.
Is dat veel te veel? Volmondig JA.

Daarom zijn de uitsluitingsbrieven deze week al verstuurd of zullen ze in sommige gewesten eerstdaags verstuurd worden. We staan er op om exact mede te delen hoeveel leden we zullen schrappen. Niet omdat we fier zijn op het aantal, integendeel. Maar, ten eerste, het is een belangrijk signaal. Want voor elk lid dat zich bekendmaakt en op een lijst gaat staan, zijn er allicht een aantal arbeiders die voor deze verderfelijke partij stemmen. Dat betekent dat onze vakbond en onze vorming nog veel werk voor de boeg heeft. Ten tweede willen het helder communiceren in de hoop dat andere centrales en andere vakbonden hetzelfde zullen doen. Want het is makkelijk om in de pers vaag te verklaren dat je leden zal uitsluiten, je moet het ook doen. 

Dat is het duidelijke signaal dat we als ABVV-Metaal willen geven. Anderzijds zeggen we ook dat geen enkele veroordeling levenslang is. Niet omdat we iets of iemand willen goed praten – al denken dat er soms wel degelijk sprake is van misleiding. Wel omdat we geloven in de kracht van een humaan socialisme. Dat wil zeggen dat je mensen de mogelijkheid moet geven moet hun fouten in te zien en te verbeteren. Het is onze kracht dat we geloven in de maakbaarheid van de samenleving en in deze van de mens. Ook dat is rechtlijnig zijn.

Natuurlijk krijgt het VB veel te veel stemmen, ook van arbeiders. Maar het is hoopgevend dat het tij aan het keren is. Misschien nog maar zwakjes, maar als iedereen zijn werk doet, dan is het mogelijk. Ook dat leren de verkiezingen van 8 oktober. Laat ons dat dus maar doen.

Herwig Jorissen
Voorzitter

IEDEREEN is van de wereld en de wereld is van IEDEREEN

Meer dan 100.000 stemmen voor verdraagzaamheid en tegen racisme, zo koppen de kranten terwijl ik dit schrijf. Afgelopen zondag stond het andere Vlaanderen te feesten en zijn mening van de daken te schreeuwen. Dat was het tolerante Vlaanderen dat nog altijd de grote meerderheid van de Vlamingen vertegenwoordigt. 

Maar wanneer deze Werker in de bus valt, moeten we stemmen voor de gemeenteraden en de provincieraden. Het eerste en allerbelangrijkste is die ene boodschap die alle democraten moeten geven: er is één partij waar niet voor gestemd wordt. Omdat ze racistisch en seksistisch is, omdat ze antivakbonden en antiwerknemers is, omdat ze antidemocratisch is. Omdat ze niet thuishoort in een fatsoenlijke samenleving. In onze statuten staat duidelijk dat “ABVV-Metaalleden en / of militanten die militeren voor extreem-rechtse partijen of op hun lijsten voorkomen, zichzelf uit onze organisatie uitsluiten”. Het is dus duidelijk dat er niet alleen geen stem naar het Vlaams Belang gaat, maar ook dat we na de verkiezingen zullen nagaan of er toch geen leden zijn die op VB-lijsten staan. Wie er op voorkomt, zal geschrapt worden: in onze rangen is er geen enkele plaats voor racisme en intolerantie.

We zijn echter niet alleen voor een tolerante en democratische samenleving. We zijn ook voor een progressieve en humaan-socialistische samenleving waarin IEDEREEN MEEtelt. Ik weet wel dat bij lokale verkiezingen lokale overwegingen en voorkeuren een belangrijke rol spelen. En ik weet ook dat we het afgelopen jaar dikwijls overhoop lagen met onze kameraden van de partij en dat het generatiepact hoe dan ook wonden heeft geslagen. Maar ik weet ook dat de zaken die we bekomen hebben en de zaken die we uit de brand gesleept hebben (ook in het generatiepact) te danken zijn aan diezelfde kameraden van de partij. En het zijn ook net de steden waar de Sp-a (mee) de dienst uitmaakt, die goede punten krijgen voor hun gevoerde beleid. 

Het is misschien niet aan ons om een expliciet stemadvies te geven. Maar zoals we IEDEREEN afraden om te stemmen voor een antidemocratische en racistische partij zoals het Vlaams Belang (het blok aan ons been), zo vragen we dat IEDEREEN gebruik maakt van zijn democratische recht en stemt voor een partij die er wil en kan voor zorgen dat onze sociaal-syndicale eisen een realistische vertaling krijgen, ook in de gemeenten en steden. Want ook de gemeenten en steden kunnen op het vlak van onderwijs, werkgelegenheid, infrastructuur,… heel wat doen voor onze industrie. Ik ben dan ook overtuigd dat stemmen op een socialistische partij terzake de beste garanties biedt. 

Herwig Jorissen
Voorzitter

MITTAL ‘wint’ de overnamestrijd om Arcelor. Nu de arbeiders.

Na vijf maanden strijd lijkt het dan toch dat Mittal het gevecht om Arcelor “gewonnen” heeft. Op 27 januari maakte Mittal zijn ‘vijandelijk’ overnamebod bekend. En op 25 juni heeft de raad van bestuur van Arcelor ingestemd met het bod van Mittal. Arcelor-Mittal wordt nu, met een omzet van 55 miljard euro en 334.000 werknemers wereldwijd, het grootste staalbedrijf ter wereld.

Als vakbond hebben we doorgaans niet de gewoonte om ons te mengen als twee kapitalisten aan het vechten gaan om een been. Maar we zijn wel gevoelig voor elke industriële ontwikkeling die een impact kan hebben op de tewerkstelling, de werkomstandigheden en het sociaal overleg in onze ondernemingen. Als we stelling nemen dan is deze niet geïnspireerd door de hoogte van dit of dat aandeel, maar door de belangen van onze metallos. In het begin van de overnameactiviteiten namen we daarom een eerder neutrale positie in ten aanzien van de voorstellen van Mittal. Dat betekende voor ons ook dat we niet, in tegenstelling tot sommige vakbonden in andere landen, de koers voor Arcelor wilde varen. Zoals de Belgische als de Vlaamse overheid hebben we steeds gezegd dat het industrieel plan van Mittal voor ons een essentieel gegeven zou zijn. In zijn ontmoetingen met de politieke overheden had Mittal te kennen gegeven dat hij verder zou investeren in de Belgische vestigingen en dat alle engagementen van Arcelor ook zouden worden nagekomen (en misschien wel meer).

Onze gereserveerde houding veranderde volledig wanneer Severstal op het toneel verscheen. Gezien de onfrisse praktijken van Severstal een tiental jaar geleden tegen de staalarbeiders en hun vakbonden, hebben wij ons uitdrukkelijk en publiekelijk achter de fusie met Mittal geschaard. Een reeks van deze misdaden zouden stuk voor stuk voor een Belgisch gerecht zwaar veroordeeld worden. Dit is uitvoerig gedocumenteerd in boeken en op internet. De feiten zijn dus bij iedereen gekend. Het verbaasde mij dan ook dat vakbonden die op de eerste rij staan als het over grote principes en waarden gaat nu zwegen en dus in de feiten een bondgenoot waren van Severstal / Arcelor. Op een ontmoeting met Mittal in de Belgische Senaat op 15 juli hebben de Vlaamse metallos van het ABVV daarom als eerste en enige vakbond in België en Europa openlijk de kant gekozen van Mittal.

Zoals bij alle overnames zullen het natuurlijk de aandeelhouders van Arcelor zijn, die er beter van worden. Maar dit is niet onze zorg. Met twee grote staalbedrijven in de Arcelorgroep Vlaanderen, Sidmar te Gent enerzijds en het Limburgse ALZ anderzijds, is onze eerste zorg de garantie op tewerkstelling van zowat 8.000 werknemers, en de daarbij gepaard gaande bijkomende investeringen. Een bijkomende zorg is de mate waarin wij met de toekomstige directie zullen kunnen overleggen. Als vakbond wensen wij zowel op Vlaams, Belgisch als op Europees niveau een constructieve dialoog met de directie aan te gaan. Dit is dé absolute voorwaarde voor een in Vlaanderen opererende onderneming.

Natuurlijk is er de vrees dat de hoge factuur van de overnamestrijd op de één of andere manier door de arbeiders zal moeten betaald worden. Geld kan je geen twee keer uitgeven. En als het geld moet terugverdiend worden dan gebeurt dat meestal door synergieën en dus door besparingen. In dezelfde ontmoeting in de Belgische Senaat beaamde Mittal dat het samengaan met Arcelor zou leiden tot één miljard euro aan synergieën, maar volgens de staalmagnaat kunnen die volledig gerealiseerd worden door het optimaliseren van de inkoop, marketing, productie en de processen. «En niet door het schrappen van arbeidsplaatsen.» We zullen hem aan deze belofte houden. En als hij zich aan zijn belofte houdt, dan hebben we wel iets gewonnen. Als vakbond moet je nooit goedgelovig zijn, maar je moet wel durven optreden als het moet. Daarom kozen we kamp van Mittal en daarom verwachten we dat dit vertrouwen niet beschaamd zal worden.

Herwig Jorissen
Voorzitter

De onderhandelingen komen er aan en daar is de loonkost

Professor Konings heeft op vraag van de patroonsfederatie Agoria een studie gemaakt over de evolutie van de loonkosten in België in de technologische industrie tussen 1997 en 2004. Volgens zijn studie lagen die loonkosten gemiddeld 9,7 procent hoger dan in onze buurlanden. Bovendien stegen ze in dezelfde periode met gemiddeld drie procent. 

Het resultaat van dat alles is dat, als we onze loonkosten op het niveau van Nederland hadden gehandhaafd, we nu 16.000 banen rijker waren geweest. Volgens professor Konings en Agoria. 

Dat Agoria net nu met deze bestelde studie naar buiten komt is natuurlijk niet toevallig. Meer nog, het is stilaan een traditie dat Agoria aan de vooravond van de interprofessionele en sectorale onderhandelingen met zo’n boodschap over de te hoge loonkost naar buiten treedt. De boodschap heeft natuurlijk een politieke betekenis en is tegelijk ook een schot voor de boeg voor die sectorale onderhandelingen. Bovendien heeft iedereen ook de neiging om precies dié cijfers en studies aan te halen die zijn eigen gelijk bevestigen. Toch moeten we ook niet alles afdoen als louter patronale propaganda. Zestienduizend jobs zijn tenslotte niet niks. 

Enerzijds weet Agoria natuurlijk ook dat de loonkost maar een element is en dat het weinig zin heeft om het geïsoleerd te bekijken. Bovendien is het ook zo dat onze loonkost in vergelijking met onze buurlanden een veel geringer deel uitmaakt van de productiekost (bij ons maakt de loonkost 27% uit van de productiekost; in bijvoorbeeld Frankrijk is dat al 42%). Anderzijds heeft de regering de laatste jaren heel wat maatregelen genomen om de loonlast te verminderen. Minister Demotte zei het recentelijk nog: officieel betaalt een werkgever in België 45,36 procent van het brutoloon aan de sociale zekerheid, maar sinds de jaren tachtig heeft de overheid de werkgeversbijdragen druppelsgewijs verlaagd en daardoor is de gemiddelde feitelijke bijdragevoet nog amper de helft van het officiële percentage (24,9%). Bovendien is er ook nog de formele belofte van de lastenverlaging op ploegenarbeid. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de winstcijfers van de bedrijven. 

Vanzelfsprekend is de loonkost ook onze bekommernis. Want ook wij hebben er baat bij dat het goed gaat met onze industrie. Vandaar ook dat we in onze CAO’s een saldomechanisme onderhandeld hebben, met een volledige vrijwaring van de index. Maar we hopen dat de patroons even gevoelig zullen zijn voor al die andere elementen die een belangrijke rol spelen in onze concurrentiepositie: en dan denken we aan zaken zoals opleiding en innovatie. In die zin delen we de bekommernis van Agoria dat het komende akkoord best geen akkoord is dat geschreven wordt vanuit een sociaaleconomische schuilkelder, waarbij alleen een stand still haalbaar is. Waarover het dan wel moet gaan en wat er wel in een interprofessioneel en/of sectoraal akkoord moet staan, daarover zullen we ongetwijfeld van mening verschillen. 
En soms zeer grondig. 

Maar met het akkoord in de automobiel omtrent het tijdsparen en het plusminusconto, zoals met het akkoord over het saldomechanisme of het sectoraal aanvullend pensioen, hebben wij bewezen dat we in het belang van onze industrie en de metaalarbeiders op een pragmatische manier de problemen kunnen en durven aanpakken. Zonder onze fundamentele principes op te geven. Vandaar ook dat we met veel vertrouwen en met ambitie de komende onderhandelingen tegemoet zien.

Herwig Jorissen
Voorzitter

Grote onderscheiding uitgereikt in de automobiel

Op maandag 29 mei ondertekenden de sociale partners een principe-akkoord voor de automobiel. Het is een akkoord dat de mogelijkheid creëert om een flexibiliteit te ontwikkelen meer op maat van de autoconstructeurs. Dit was vanzelfsprekend geen makkelijk akkoord. Onze (automobiel)arbeiders werken immers al zeer flexibel. Maar het was, volgens ons, een noodzakelijk akkoord, omdat we het maximale willen doen om de automobiel bij ons te verankeren. Dit heeft natuurlijk ook aanleiding gegeven tot heel wat interne discussies, zowel bij de constructeurs al s bij de toeleveranciers, en behoorlijk wat tegenwind in het ABVV.

Een belangrijke reden om dit akkoord nu te tekenen was “de schoonheidswedstrijd” waaraan GM Antwerpen meedoet. General Motors moet gaan beslissen waar de opvolger van de Astra zal geproduceerd worden. Antwerpen is één van de kandidaten en zoals dat de gewoonte is in de automobiel moeten de verschillende vestigingen dan tegen elkaar concurreren met een zo ‘mooi’ mogelijke offerte. Voor GM Antwerpen is het afgesloten principe-akkoord hierin een belangrijk element. 

Als ABVV-Metaal hebben we gedaan wat we moesten doen. Maar de inkt van het akkoord is nog maar net droog of bij GM Antwerpen worden twee van onze delegees voor vijf dagen geschorst. Volgens de directie zijn het twee "onruststokers" die door hun actie een hele productielijn hebben stilgelegd. 

Het juiste verhaal kan je op deze pagina lezen. In de bewuste nacht van donderdag 27 op vrijdag 28 april brak tussen 2u30 en 3u00 een staking uit aan de chassis-lijn omdat er niet genoeg volk aan de band stond. Terwijl de arbeiders de boel in de ganse fabriek wilden platleggen, probeerden onze delegees de zaak in de afdeling zelf regelen. Ondanks het onverantwoorde optreden van de directie (niemand wilde die nacht met de vakbonden over de problemen aan de lijn praten) hebben onze mensen aan de arbeiders gevraagd om terug aan het werk te gaan. Wat ook gebeurd is. Met andere woorden het is niet zoals de directie zegt dat door het optreden van onze delegees er productie verloren gegaan. Het is dankzij hen dat er die nacht nog geproduceerd werd. Maar wat was de beloning? Een aangetekende brief en vijf dagen schorsing. Vanzelfsprekend was dat voor ons onaanvaardbaar. Ondanks een beslissing van de verzoeningscommissie om de twee delegees niet te schorsen hield de directie van GM Antwerpen halsstarrig vol en op donderdag 1 juni om 18 uur krijgen onze twee delegees uit de nachtshift te horen dat ze alsnog geschorst zouden worden. Het gevolg was dat GM echt een staking aan zijn broek had met productieverlies. Maar dat had een onverantwoorde personeelsdirecteur uitsluitend aan zichzelf te danken. 

Als ABVV-Metaal zullen we het daar natuurlijk niet bij laten. Maar we aanvaarden ook niet dat er lichtzinnig wordt omgesprongen met de toekomst van onze fabrieken. Door niemand, ook niet door het management. Daarom reiken we bij deze een grote onderscheiding uit aan onze twee delegees Demir Sonner en Francis Burg voor hun sociaal, syndicaal en economisch verantwoord optreden. En voor de arbeiders die op een prachtige wijze hun solidariteit betoond hebben gedurende de vijf dagen dat onze delegees geschorst waren.

Herwig Jorissen
Voorzitter