de voorzitter

De Voorzitter gaat de dialoog aan. Het gedacht van Herwig Jorissen.

 

In gesprek met... Herwig Jorissen

Dat het zomerakkoord van de regering Michel sociale welvaart beschouwt als een besparingspost moet ons niet verwonderen. Het is het DNA van deze regering. Dat de regering Michel vervolgens mist spuit over de maatregelen die ze wel of niet denkt te nemen moet ons eveneens niet verwonderen. Het is het DNA van deze regering. Maar op het einde is het resultaat wel altijd: een afbraak van de sociale rechten meteen laagje vernis als cover-up.


Ons wettelijk pensioen is een collectief systeem gebaseerd op solidariteit tussen de verschillende generaties. Het is nog altijd de beste garantie op een leefbaar inkomen op het einde van de rit / loopbaan. Daarom moeten we er voor zorgen dat de financiering van ons pensioen ook morgen gegarandeerd is. Zoals we ook de pensioenkloof met onze buurlanden moeten dichten (want in één van de meest welvarende landen hebben gepensioneerden in verhouding één van de laagste pensioenen: niet voor niets is één op vijf oudere Belgen arm en is dat in Nederland één op twintig).

Daarom is er niets mis om te zien hoe we de toekomst van onze pensioenen kunnen verzekeren. Welke hervormingen nodig zijn om iedereen ook morgen een leefbaar pensioen te garanderen. Maar de regering Michel wil onder het mom van hervormen vooral besparen en onder het mom van besparen vooral afbreken.

Het meest dramatische voorbeeld zijn de plannen dat wie vóór zijn 20ste aan zijn loopbaan begon en meer dan 45 jaar werkte, lagere pensioenrechten verkrijgt indien hij /zij  zijn/haar  job verliest. Wie bijvoorbeeld 47 jaar gewerkt heeft en de laatste twee jaren werkloos of SWT’er was krijgt daardoor een pensioen berekend op de eerste 45 jaren en niet meer op de beste 45 jaren. Dat verlies kan oplopen tot honderd euro per maand. 

Het is al erg genoeg dat wie weinig (een laag pensioen) heeft extra moet inleveren. Dubbelerg  is bovendien dat de maatregel wel zou gelden voor wie werkt en niet voor wie gestudeerd heeft (bovendien kan wie gestudeerd heeft ook nog eens zijn studiejaren afkopen voor zijn / haar pensioen).

Dat is pure discriminatie van de minder lang geschoolden (wie gaat werken voor zijn 20ste) ten opzichte van de langer geschoolden. Het is een discriminatie van wie gaat werken ten aanzien van wie verder studeert. Werken loont ? Niet altijd blijkbaar. In de realiteit van vandaag komt dat grotendeels neer op discriminatie van arbeiders.

Herwig Jorissen
Voorzitter