De samenleving

Lees hier gevarieerde blogs vanuit de gelijkgezinde samenleving. Aan het woord laten we specialisten binnen ABVV-Metaal en uit progressieve middenveldsorganisaties.

 

In gesprek met ... Luc Peiren.

De voorbije weken staat het bedrijf Bombardier Brugge in het centrum van de belangstelling: 200 banen staan op de tocht, een derde van alle jobs bij Bombardier. Bijna obligaat spreken politici hun verontwaardiging uit.

Nochtans waarschuwden de vakbonden vorig jaar al voor de afbouw van de tewerkstelling. Het mislopen van een bestelling trams voor De Lijn ten voordele van het Spaanse CAF moest wel nefast zijn voor de tewerkstelling en, meer nog, voor de toekomst van de Bombardier-vestiging te Brugge. ABVV-Metaal waarschuwde toen al dat een eind moest gemaakt worden “aan de sociale en ecologische dumping, waardoor Bombardier Brugge niet kan concurreren met het Spaanse CAF en productie en jobs dreigt kwijt te spelen”. Profetische woorden, zo blijkt. Binnen anderhalf jaar zullen de schilderafdeling en ruwbouw verhuizen naar Frankrijk of Tsjechië en wordt de vestiging van Brugge vanuit het Franse Crespin geleid ... Zo slaat de globalisering opnieuw een bres in de tewerkstelling in de (West-)Vlaamse metaalnijverheid. Een meer dan jammerlijke zaak.

De vakbonden in het algemeen en de socialistische metaalbewerkersvakbond van Brugge in het bijzonder zetten zich immers al ruim een eeuw in om de tewerkstelling in het bedrijf met alle mogelijke middelen te verdedigen. In die jaren groeide Bombardier uit tot een van de syndicale kroonjuwelen van ABVV- Metaal West-Vlaanderen. Daar ging nogal wat strijd aan vooraf.

Het bedrijf ontstond midden 19e eeuw als een winkel. Die breidde in 1855 uit tot de Ateliers J. De Jaegher die nog voor 1900 een van ’s lands grootste metaalbedrijven werd. Na een fusie in 1891 groeide de S.A. Ateliers de Construction, Forges et Aciéries de Bruges zodanig dat het een ruimere site buiten de stadskern opzocht. In 1905 waren de kantoorgebouwen en werkplaatsen af en één jaar later telde de N.V. La Brugeoise 1500 werknemers.

Dat zo’n belangrijk bedrijf uitgroeide tot een syndicale groeipool was eigenlijk niet zo verwonderlijk in een regio die begin 20e eeuw weinig industriële tewerkstelling genereerde. De lotgevallen van het socialistisch metaalbewerkerssyndicalisme in het Brugse en van het bedrijf waren van meet af aan dan ook met elkaar verbonden. De eerste socialistische metaalbewerkersbond van Brugge die naam waardig, ontstond in 1896 in de schoot van het bedrijf. Maar toen het bedrijf zijn deuren sloot en verhuisde naar Sint-Michiels, viel de bond uiteen. Met de heropening van La Brugeoise stond ook een nieuwe metaalbewerkersbond op. Zo’n 200 arbeiders sloten meteen aan. Eind 1907, begin 1908 staakten zij tegen een ‘tirannieke’ meestergast. De staking werd na zes weken zonder resultaat afgebroken. In die tijd waren de werkgevers nog altijd almachtig en daarnaast was de Brugse metaalbewerkersbond nog te jong om zo’n langdurig conflict tot een goed einde te brengen. Veel stakers werden ontslagen en weken uit naar Wallonië. De ledentallen liepen terug. De vakbond herstelde zich maar moeizaam van de klap.

Na de Eerste Wereldoorlog kreeg het bedrijf veel opdrachten en verwierf het internationale faam als constructeur van spoorwegmateriaal. De orders liepen binnen en er kwam veel volk bij. Tussen beide wereldoorlogen werkten er tot 4000 werknemers in La Brugeoise. De metaalbewerkersbond kon zich geen betere rekruteringsvijver dromen. De ledentallen liepen snel op. In de zomer van 1919 telde de vakbond 1500 leden en in 1939 2000. Daardoor wijzigden de sociale verhoudingen. Ook in La Brugeoise. In de pers en verslagboeken van de vakbond vinden we nauwelijks sociale conflicten terug, maar eind 1923 wel een indrukwekkende lijst van liefst achttien ‘vertrouwensmannen’ van de metaalbewerkersbond in de ketelmakerij van La Brugeoise en nog eens acht in de afdeling Laminoirs, een bewijs van de dominante machtspositie van de vakbond in het bedrijf.

De conflicten die er waren, werden in der minne geregeld. Zo bijvoorbeeld net voor de zomer van 1939 toen de arbeiders zich beklaagden over hun verlofregeling. Na contact met de directie meldde het bestuur: ‘Onze vragen werden na wat discussie ingewilligd en namelijk ging het over de duur van het betaald verlof die wel zes dagen zal zijn in plaats van 4 ½ dagen en over de datum die voorgesteld werd op einde juni in plaats van einde augustus’.

Na de Tweede Wereldoorlog bleven de sociale relaties vreedzaam, maar in 1953 staakte ABVV-Metaal Brugge dertien weken om een ten onrechte in voorhechtenis genomen militant van La Brugeoise vrij te krijgen.

In 1956 fuseerde het bedrijf met Les Ateliers Métallurgiques de Nivelles en ontstond La Brugeoise et Nivelles (BN). In 1988 werd Bombardier hoofdaandeelhouder van BN en nog eens drie jaar later werd het BN onderdeel van Bombardier Eurorail. Dat was geen goed nieuws, want het bracht een eerste herstructurering in een lange rij met zich, met eerder al een ontslagronde in 2004. Toen telde het bedrijf nog ruim duizend personeelsleden. In 2013 waren dat er nog 740, in 2015, 586. Vandaag kunnen er daar dus nog zo’n 200 van wegvallen.

Anno 2017 is het vooral aan de overheid om met oplossingen op de proppen te komen om de ontslagen te vermijden en de tewerkstelling in de metaalsector van de regio Brugge te vrijwaren, liever dan meteen haar deel van de verantwoordelijkheid in de ontslagen van zich af te proberen schuiven. De vakbonden hebben al ruim een eeuw hun verantwoordelijkheid opgenomen ...

Luc Peiren
 Amsab-Instituut voor Sociale Geschiedenis

Andere blogs vanuit Amsab:

Zijn de vakbonden echt zo conservatief als hun wordt verweten?
125 jaar Dag van de Arbeid
Vrouwen en vrede, één strijd
80 jaar congé payé
Vakbond en sociale zekerheid