de voorzitter

De Voorzitter gaat de dialoog aan. Het gedacht van Georges De Batselier.

 

Gedwongen arbeid je reinste slavernij, sociale dumping mensonterend

Bij de redactie van dit edito liggen de verkiezingen achter ons.  Vlaanderen / België / Europa hebben hun keuze gemaakt. Onze visie op de verkiezingsuitslag krijg je in het volgend edito te lezen, want ondanks de verkiezingsdrukte en –gekte is de wereld in de tussentijd blijven draaien.

Het was immers net voor de verkiezingen dat de Internationale Arbeidsorganisatie haar rapport publiceerde over de economische winsten van gedwongen arbeid en (seksuele) slavernij. Het is een onthutsend rapport. In de Europese Unie en andere rijke landen blijken heel wat winsten immers het resultaat van grove uitbuiting.  Van de 109 miljard euro winst die allerhande bedrijven wereldwijd maken dankzij sociale dumping, wordt 34,2 miljard in de EU, de VS en Canada gerealiseerd. Wereldwijd zijn er 20 miljoen moderne slaven. In het Westen gaat het naar schatting om 1,5 miljoen personen. Die 1,5 miljoen mensen komen voornamelijk uit Centraal- en Oost-Europa en maar liefst 550.000 werken in de industrie en in de bouw. Die winst wordt natuurlijk geboekt doordat werkgevers zeer lage lonen betalen en zich niets hoeven aan te trekken van sociale zekerheid  en arbeidsomstandigheden. Gedwongen arbeid komt voor in bijna alle sectoren.

Niet zo lang geleden hadden we het hier over een geval van sociale dumping in onze sector. Meer dan driehonderd Roemeense, Bulgaarse en Tsjechische arbeiders werden voor een loon van om en nabij de vier euro door IDC Europe Belgium, later IAA Autoxellence, als 'zelfstandigen' aangeboden aan toeleveringsbedrijven in de Gentse autosector. Vijf personen en zeven bedrijven stonden terecht. Ze moesten zich verantwoorden voor mensenhandel, criminele bendevorming en inbreuken op het sociaal strafwetboek. De Gentse correctionele rechtbank bevond de beklaagden schuldig aan het niet betalen van het minimumloon, maar niet aan mensenhandel en criminele bendevorming. Omdat er volgens het openbaar ministerie ‘slechts’ voor 20 van de 316 arbeiders bewijzen zijn dat ze schijnzelfstandigen waren. De andere 296 arbeiders werden niet allemaal individueel verhoord en dus konden er ‘geen concrete vaststellingen’ worden gedaan. De twee hoofdverdachten kregen elk een geldboete van 72.000 euro opgelegd.

Al bij al zijn de boetes in het Gentse geval ‘miniem’. Maar belangrijk is het signaal dat gegeven werd. Staatssecretaris John Crombez maakt werk van sociale dumping. Het is belangrijk dat de arbeidsauditoren een effectiever vervolgingsbeleid voeren en ook steeds meer grensoverschrijdend gaan werken om transnationale criminele organisaties te ontmantelen.

Het is nu hopen dat een volgende regering met een zelfde ijver op deze mensonterende nagel blijft kloppen. Want anders zullen de slachtoffers van gedwongen arbeid voorgoed vertoeven in een politiek en sociaal niemandsland. Het rapport van de Internationale Arbeidsorganisatie herinnert ons eraan dat vakbondsstrijd in veel plaatsen op deze wereld – en ook bij ons nog al te vaak – een strijd is voor de meest elementaire mensenrechten.

Herwig Jorissen
Voorzitter

Werk - Werk - Werkdruk

De 1 mei-optochten stonden natuurlijk vooral in het teken van de nakende verkiezingen. Zelden zijn verkiezingen zo belangrijk geweest, zelden heeft er zoveel op het spel gestaan, zelden zijn de keuzes zo duidelijk geweest. Gaan we voor het behoud van onze sociale welvaart of niet? We hebben het al meermaals betoogd en we kunnen het alleen maar herhalen. We hebben maar drie prioriteiten voor een toekomstige regering: WERK WERK en nog eens WERK. Onze economie, onze industrie, onze welvaart en onze jobs, daarover zal het gaan. Niet over wat we de mensen die werken en niet werken nog kunnen afpakken (van de index tot hun werkloosheidsuitkeringen). Maar wel over hoe we de mensen aan het werk krijgen en vooral ook hoe we de mensen aan het werk kunnen houden. In deze nieuwsbrief kun je echter lezen dat het, eens aan het werk, ook andere zaken belangrijk zijn. Er is de zeer uitgebreide en zeer grondige analyse rond leeftijdsbewust personeelsbeleid, werkbaar werk en cao 104 bij de toeleveringsbedrijven van Volvo Cars Gent. Een belangrijke les alvast was dat cao 104 geen echte cao is. Normaal moet bij een cao er een akkoord van beide kanten zijn (directie en vakbond). Bij cao 104 kunnen de vakbonden wel een tegenvoorstel doen op de voorstellen van de directie, alleen moet de directie daar geen rekening mee houden. Als we daadwerkelijk tot werkbaar werk willen komen in onze bedrijven, dan zal dat enkel lukken door gezamenlijk overleg. Iedereen vaart daar wel bij. Want het is duidelijk dat waar arbeidsomstandigheden, werkdruk, werksfeer slecht zijn, het ziekteverzuim navenant zal zijn. Via overleg en syndicale actie kan de werksituatie verbeteren en zo het verzuim beperkt blijven. Iets gelijkaardigs zien we ook in wat we traditioneel de ‘kleine’ sectoren noemen. EDUCAM, het paritair opleidingsfonds van en voor de autosector en de metaalaanverwante sectoren, onderzocht de werkbaarheid van de bedrijven in de Vlaamse garagesector. En ook hier constateren we dat bijna de helft van de werknemers de werkdruk als hoog tot zeer hoog ervaren. Gelukkig niet problematisch hoog en gelukkig niet elke dag. De werknemers ervaren de werkdruk eerder met pieken (lees seizoensgebonden). Maar het feit is en blijft: 50 % is, ondanks alle nuances, een zeer hoog cijfer. Nog niet zo lang geleden zaten ze bij Volvo Cars Gent zonder autozetels en waardoor twee ploegen niet aan de slag kon. Per shift worden normaal meer dan 400 wagens gebouwd. De reden was dat de werknemers van Automotive Seating - Johnson Controls het werk hadden neergelegd. Reden: de hoge werkdruk. Dus ja, als op 1 mei gepleit wordt voor WERK, WERK en nog eens WERK, dan zijn daar redenen te over voor. Maar we mogen niet blind zijn voor het feit dat voor vele werknemers WERK, WERK, WERKDRUK betekent. En dat zoiets weegt op de gezondheid (fysiek en mentaal). Want we mogen nooit vergeten dat niet alleen onze bedrijven kwetsbaar zijn, maar ook onze mensen. Herwig Jorissen Voorzitter

Onze industrie vraagt om ernstige politiek, niet om verklede pandaberen

Dezer dagen denken sommige politici de gunst van het volk te moeten veroveren door als verklede pandabeer op te draven in tv-programma’s. Iedereen heeft natuurlijk recht op zijn eigen zottigheid. Het is alleen te hopen dat ons straks het lachen niet zal vergaan.

In april 2013 publiceerde de Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten een standpunt met als titel ‘De maakindustrie: motor van welvaart in Vlaanderen’. De maakindustrie zorgt voor 20 % van de tewerkstelling in Vlaanderen (een gemiddeld cijfer voor Europa). Maar het aandeel daalt: in 1970 was dat nog 35 %. Die evolutie gebruiken om de maakindustrie af te schrijven zou echter een grote fout zijn. De maakindustrie is immers een krachtige motor van indirecte tewerkstelling. Een job in de productiesector creëert tussen 2 en 5 bijkomende jobs. De productiesector levert een belangrijk aandeel in de private (tot 90 %) en publieke financiering van de Onderzoek & Ontwikkeling en speelt daardoor een essentiële rol in het innovatieproces en de technologische vooruitgang. Jobs in de productie zijn tot 10 % beter betaald. Samengevat zei de KVAB dat ‘een economie die niet gebaseerd is op productie, maar alleen op diensten, niet leefbaar is op lange termijn’.

Onlangs pakte dezelfde KVAB uit met een nieuw rapport ‘Dreigende metaalschaarste? Innovaties en acties op weg naar een circulaire economie’. Hierin wordt vastgesteld dat zowel de basis- als de technologiemetalen essentieel zijn voor een moderne maatschappij, haar innovatieve technologieën en haar economie. Maar ook wordt gesteld dat de continuïteit van hun bevoorrading onder economisch realistische condities in toenemende mate onzeker wordt en vooral in die regio`s van de Europese Unie die weinig minerale grondstoffen bezitten, met name  Vlaanderen. Het is dezelfde conclusie die ook wij trokken in ons rapport ‘Naar een nieuwe industrialisering van en voor de metaalsector’. De KVAB is voorzichtiger inzake de urgentie van noodzakelijke veranderingen, maar ze zitten wel op dezelfde lijn wat de aard van de veranderingen betreft. Er moet een transitie komen naar een kringloopeconomie.

Voor ons is het duidelijk dat we de bedreiging die schuilt in de schaarste van een aantal metalen/materialen kunnen en moeten ombuigen tot een opportuniteit. We moeten bouwen aan een nieuw industrieel ecosysteem met oog voor een gezonde economie, kwaliteitsvolle (volwaardige en  werkbare) jobs in een slimme, innovatieve productie en logistieke omgeving en een zo klein mogelijk negatieve klimaat- en  milieu-impact. Ook de KVAB besluit dat Vlaanderen een excellente industriële en technologische basis heeft om de problematiek van grondstoffenschaarste aan te pakken. We moeten alleen dit competitief voordeel verder uit te bouwen op wereldschaal.

We zijn een kleine twee maanden voor de verkiezingen. Zou het daar misschien eens kunnen over gaan? Hoe zetten we onze maakindustrie terug op de kaart? Want afgelopen week bleek ook dat voor het eerst in een jaar het consumentenvertrouwen weer gedaald is. De oorzaak zou vooral te wijten zijn aan de vele herstructureringen die de afgelopen weken werden aangekondigd. En onze sectoren kenden weer meer dan hun deel Philips in Kontich, TP Vision in Brugge en meest recent radiatorenproducent Henrad in Herentals. Voor het vertrouwen van de mensen is er werk nodig. Niet alleen nu maar ook morgen. En daarvoor is er nood aan een  solide toekomstgerichte industrie. Zonder industrie is onze welvaart bedreigd. Wat is meer bedreigd: de pandabeer of onze industrie? Mag de politieke discussie daar misschien over gaan?

Herwig Jorissen
Voorzitter

Op voet van ongelijkheid

Onlangs pakte de VRT uit met een foto van Vlaanderen. Met een aantal opvallende conclusies. Eerst en vooral de Vlaming blijkt bijzonder gehecht aan de welvaarts- en verzorgingsstaat. Hij/zij wil niet minder sociale zekerheid, maar meer. Meer Sociaal en meer Zekerheid. En de grootste Vlaamse bekommernis is het pensioen. Er zijn weinig mensen die zich geen zorgen hoeven te maken over later. 67 % is bang voor een te lage levensstandaard eens hij of zij met pensioen is.

Ongeveer op hetzelfde moment stond er in de kranten dat Baron Buysse, voorzitter van de Raad van Bestuur bij Bekaert, 3,541 miljoen euro uitgekeerd krijgt voor opgebouwde pensioenrechten sinds 2000. Het gaat om een som van 2,5557 miljoen euro aangevuld met 984.000 euro interesten. Alvast 1 Vlaming die zich geen zorgen hoeft te maken over zijn pensioen.

Uit diezelfde VRT-enquête is ook gebleken dat ongeveer de helft van de Vlamingen zich zorgen maakt over zijn job. De arbeiders in de industrie, en dat zal niemand verbazen, maken zich het meeste zorgen.

Ongeveer op hetzelfde moment stond in de kranten dat de huidige CEO van Bekaert, Bert De Graeve, voor de ’voortijdige’ beëindiging van zijn contract als CEO (hij volgt Baron Buysse op als voorzitter van de Raad van Beheer) een brutovergoeding krijgt van 1,836 miljoen euro. In 2013 verdiende Bert De Graeve 1,723 miljoen euro (waaronder een bonus van 660.000 euro). Dat is 62 % meer dan in 2012. Deze stijging heeft hij te danken aan de bonus. In 2012 was er geen bonus, omdat Bekaert toen verlies maakte.

In 2013 was er opnieuw winst en een bonus voor de CEO. Vanzelfsprekend zijn we tevreden dat het weer beter gaat met Bekaert, maar zoals Kenneth Blomme, ABVV-Metaal-hoofdafgevaardigde bij Bekaert Aalter, zei: ‘Dit is niet alleen een klap in het gezicht van die honderden mensen die de voorbije jaren hun baan verloren, maar ook van de achterblijvers. Niet alleen onze lonen werden bevroren, maar ook onze werknemersbonus. Wij moesten tevreden zijn met een prestatiebonus van 350 euro.’ Toch alvast 1 Vlaming die zich wat minder zorgen hoeft te maken.

Het verschil tussen de bezorgdheid van de doorsnee-Vlamingen en de exuberante bedragen waarvan sprake, valt onder de noemer ‘ongelijkheid’. Uit een OESO-rapport blijkt dat België het goed doet. Dankzij ons uitgebreid systeem van sociale zekerheid ligt de inkomensongelijkheid bij ons onder het Europees gemiddelde (in 2012 hadden de 10 % rijkste Belgen 5,6 keer meer inkomen dan de 10 % armste Belgen). Maar de armoede is niet alleen nog steeds prominent aanwezig (9,7 procent van de Belgische gezinnen krijgt het predicaat 'arm' van de OESO), ze is toegenomen. Nog dramatischer wordt het als we naar de vermogens kijken. De 10 % rijkste gezinnen zijn goed voor 44 % van het totale netto vermogen en bezitten gemiddeld 1,5 miljoen euro. Dat is ruim 500 keer zoveel als het gemiddelde van de 20 % armste gezinnen.

Het Wereld Economisch Forum stelde in zijn Global Risk-rapport dat inkomensongelijkheid het grootste risico vormt voor de komende tien jaar en de topvrouw van het Internationaal Monetair Fonds, Christine Lagarde, zei dat ‘in veel te veel landen de geneugten van groei door veel te weinig mensen worden genoten’. Als dat de inzet van de politieke debatten zou zijn, dan zouden de Vlamingen zich misschien wat minder zorgen hoeven te maken over hun toekomst.

Herwig Jorissen
Voorzitter

 

De strijd tegen sociale dumping loont

Als we van de kameraden van de BTB de verhalen horen over sociale dumping in de transportsector, waar Oost-Europese chauffeurs voor een habbekrats het transport doen, dan denken we al snel: in de transportsector, ja. Als de staatssecretaris voor Fraudebestrijding, John Crombez (sp.a) aanklaagt dat negentig procent van de gecontroleerde bouwbedrijven niet in orde is en dat Oost-Europese arbeiders, zonder veel veiligheidsmaatregelen, zonder respect voor de arbeidstijden en tegen armoelonen worden ‘tewerkgesteld’, dan denken we al snel: in de bouwsector, ja.

Tot je in de krant leest dat meer dan driehonderd Roemeense, Bulgaarse en Tsjechische arbeiders als zogenaamde zelfstandigen voor een loon van om en bij vier euro per uur aan de slag zijn bij toeleveringsbedrijven in de Gentse autosector. De Oost-Europeanen werden door IDC Europe Belgium, later IAA Autoxellence, als 'zelfstandigen' aangeboden aan bedrijven uit de autosector (aan Johnson Controls en Faurecia, toeleveringsbedrijven van Volvo Cars Gent). Tijdens de zitting zei arbeidsauditeur Meirsschaut dat dit “een zeer belangrijk dossier is. Het zou zeer gevaarlijk zijn indien men hiermee zou wegkomen. Als dit bedrijfsmodel goedgekeurd wordt, dreigt de hoeksteen van de samenleving in gevaar te komen. Het systeem van sociale zekerheid zou totaal in verdrukking komen.”

De arbeidsinspectie is de sociale dumping in 2012 op het spoor gekomen. Maar reeds in 2005 heeft ABVV-Metaal de directies in verschillende toeleveringsbedrijven op de hoogte gebracht van misbruik van Oost-Europese werknemers en het niet respecteren van minimumuurlonen in de metaalsector in Oost-Vlaanderen. Ook in  2007 en 2008 is er een klacht neergelegd bij de inspectie en hebben de afgevaardigden van ABVV-Metaal politici aangeschreven om de situatie aan te klagen.

Vandaag staan er vijf personen en zeven bedrijven terecht. Ze moeten zich verantwoorden voor mensenhandel, criminele bendevorming en inbreuken op het sociaal strafwetboek. Hun advocaten vragen de vrijspraak. De verdachten hadden “niet de bedoeling om de wetten te omzeilen en de flexibele diensten die wij bieden kun je met de Belgische methodes niet leveren, zelfs niet door interimkantoren. We werken dan ook nog altijd op dezelfde manier verder.” Daarom dat de vakbonden bij de start van het proces onmiddellijk contact hebben opgenomen met de betrokken bedrijven. Er waren inderdaad nog steeds schijnzelfstandigen aan het werk. Na onze interventie hebben we nu de belofte dat de werknemers een normaal contract zullen krijgen volgens de geldende paritair vastgelegde lonen.

De maakindustrie in dit land kent vele problemen. En we kunnen van mening verschillen over loon- en andere kosten. Maar één ding is wel duidelijk. Flexibiliteit is geen excuus voor mensenhandel. Daar stopt elke discussie. Het gerecht moet nu zijn werk doen. Het is positief dat dit gebeurt. Zoals het positief is dat John Crombez en deze regering in zoveel sectoren de handschoen opneemt en effectief werk maakt van de strijd tegen sociale fraude. Zoals we verheugd zijn dat het werk van onze militanten nu heeft geleid tot een effectieve vervolging. Want sociale dumping moet stoppen, ook in de autosector, ja.

Herwig Jorissen
Voorzitter