de voorzitter

De Voorzitter gaat de dialoog aan. Het gedacht van Georges De Batselier.

 

Op 6 november in Brussel is het TIJD VOOR SOLIDARITEIT

Sinds de aanstelling van de patronale regering-Bourgeois-Michel I ging er geen dag voorbij zonder dat de werknemers en de gezinnen van dit land geconfronteerd werden met weer een nieuwe factuur. Van kleine facturen (het inschrijvingsgeld van de sportclub dat omhoog gaat) tot zeer grote facturen (de indexsprong die een doorsneearbeider op carrièrebasis al snel een paar tienduizend euro kost), maar altijd weer komt de rekening onderaan de ladder terecht. Van de wachtuitkeringen die nog meer beperkt worden tot ingrepen in CAO’s waardoor bestaande SWT-regelingen niet meer gelden. Gepakt van het begin van je carrière tot het einde.

Lire la suite...

Niet minder staat, wel minder sociale staat

Het politieke jaar is definitief begonnen. De Vlaamse regering heeft de cijfers bekendgemaakt van haar rechts conservatief beleid. En wat iedereen al wist, blijkt ook zo te zijn. De belastingen worden misschien niet verhoogd, maar heel wat staatsuitgaven worden afgewenteld op de gezinnen: inschrijvingsgeld hoger onderwijs, gas en elektriciteit, de busrit, vakantiekampen, sportclubs, kinderopvang,… Alles wordt duurder. Alleen de bedrijven worden ontzien.

De federale onderhandelaars proberen nog altijd om – met veel vallen en opstaan –tot een centrumrechts akkoord te komen. En ook hier zal het meer van hetzelfde zijn. De omgekeerde solidariteit: een herverdeling van vermogen uit arbeid naar vermogen uit kapitaal. Dat alles op een moment dat zelfs de OESO en het Internationaal Monetair Fonds niet langer betwisten dat (de toenemende) ongelijkheid de grootste zorg is van onze samenleving.

Lire la suite...

Regeringen in de maak: kies voor industrie!

Vlaanderen telt ongeveer 1.200 technologiebedrijven. Daarvan hebben er 180 filialen in het buitenland. De bedrijven zijn actief in de autosector (Van Hool), machinebouw (Picanol, Van de Wiele), elektrotechniek en ICT (Barco), contracting (Sarens), materiaaltechnologie (Umicore, Bekaert, Samsonite) en metaalbewerking. In die 180 bedrijven werken 137.500 mensen, van wie 86.600 in het buitenland. 

 

Dit alles is gebleken uit een studie van Agoria. Nog meer opvallend is het gegeven dat bedrijven met buitenlandse dochters de afgelopen drie jaar in Vlaanderen 1,2 procent meer jobs creëerden. In bedrijven die enkel in Vlaanderen actief zijn, daalde de werkgelegenheid tussen 2010 en 2013 met 4,1 procent. Het is een beetje zoals bij de Rode Duivels. Ook daar zorgden de buitenlandse ‘filialen’ voor een extra boost hier.

 

Deze constatering betekent twee dingen. We moeten een buitenlandse vestiging niet onmiddellijk zien als – alleen maar – een bedreiging. Internationalisering kan ook leiden tot meer concurrentiekracht voor onze bedrijven en dus ook voor versterking van de moedervestigingen. Al is er ook een schaduwzijde. De technologiesector is nog altijd goed voor bijna 30 procent van de Vlaamse export (en dus Vlaamse welvaart). Door herstructureringen en sluitingen zoals bij Ford en de toeleveranciers verliezen we wel marktaandeel, terwijl de globale wereldhandel stijgt.

 

Maar het betekent ook dat maakindustrie in ons land wel degelijk nog steeds mogelijk is. Al is dat natuurlijk geen eenduidig verhaal. Ook dat werd bij het begin van deze vakantie nog maar eens duidelijk. Er is aan de ene kant bijvoorbeeld het verhaal DAF waar de miljoenste vrachtwagencabine van de band rolde en waar er wordt verwacht dat na de zomer de vraag nog zal stijgen (wat natuurlijk niet betekent dat er jobs zullen bijkomen). En aan de andere kant is er het verhaal van Bosch waar op een bijzondere ondernemingsraad aangekondigd werd dat 410 van de 1.200 banen zullen verdwijnen. Tussen hoop en wanhoop, een beetje zoals we supporterden toen de Duivels tegen Argentinië speelden.

 

ABVV-Metaal is het natuurlijk niet altijd eens met Agoria. Met de boodschap die bij de presentatie van bovenstaande cijfers gegeven werd, is onze organisatie het echter meer dan roerend eens: Kies voor industrie. Dat is de uitdaging voor de regeringen in de maak. En dan zal het ook over productiekosten gaan. Maar dat is meer dan  loonkost alleen. We hebben het al eerder betoogd en we herhalen – met des te meer klem – dat slaat ook op energiekost, op grondstoffenkost. Genoeg stof dus om over na te denken tijdens de vakantiemaanden. Het WK voetbal is bijna achter de rug en de aandacht shift langzaam naar ‘Vive le vélo’. Om met volle batterijen en door en door rood enthousiasme klaar te staan in september. Prettige vakantie. 

 

Herwig Jorissen

Voorzitter

Het is weer TIJD VOOR SOLIDARITEIT

De vakantiemaanden zijn voorbij. Op Vlaams niveau hebben N-VA en CD&V, met als aanhangwagen Open VLD, een regering gevormd. Ook al moet de minister-president zijn regeerverklaring met de details van zijn programma nog bekend maken, twee dingen zijn duidelijk: het soort beleid deze regering voorstaat en wie de rekening moet betalen. De bedrijven worden ontzien en de modale burger is gezien: hij betaalt meer voor minder openbaar vervoer, hogere studies en kinderopvang worden duurder, evenals de zorgpremie, de woonbonus die vermindert….
 
Op federaal vlak is de oefening nog niet rond en zijn de Vlaamse coalitiepartners samen met MR nog volop bezig. Maar zoals op Vlaams vlak is ook op federaal vlak de marsrichting zeer duidelijk: dit wordt geen centrumrechtse regering maar een volbloed rechtse regering. Daarmee heeft de N-VA niet alleen de verkiezingen gewonnen, maar ook de formatie. Het moet dan ook niet verwonderen dat deze rechtse regeringen de rekening van de crisis doorschuiven naar de werknemers. ‘Snoeien om te groeien’ noemen ze dat bij de Vlaamse regering. Maar beide regeringen bedoelen bij de modale burgers snoeien om de bedrijfswinsten te doen groeien. 
 
De discussie is niet eens hoe groot nu het sociaal bloedbad is ten gevolge van het beleid van deze regeringen. Want of men het nu spreidt via vele kleine ingrepen of niet, het bloedbad staat er aan te komen. Het punt is dat ze de sociale sokkel onder de samenleving vandaan halen. De Vlaamse en federale regering desorganiseren – met al hun kleine en grote maatregelen – de solidariteit. 
 
Deze regeringen voeren, om het met de woorden van de Vlaamse regering te zeggen, een ‘werkgeversvriendelijk’ beleid. Geen werknemersvriendelijk beleid (wat woord kent men niet), geen economie stimulerend beleid, geen tewerkstellingsbeleid. Neen, de werkgevers krijgen hun cadeaus (de lastenverlaging) en ze moeten er niets tegenover stellen: geen tewerkstelling, geen opleiding, geen innovatie. Het moet dan ook niet verwonderen dat deze regeringen de politiek van de N-VA van voor de verkiezingen voortzetten: ondermijn de kracht van de vakbonden en de rest van het middenveld. Terwijl men de ‘pestbelastingen’ wil afschaffen, wil men belastingen invoeren om de vakbonden te pesten (het fiscaal belastbaar maken van de syndicale premies).
 
We hebben de meest links-rechts gepolariseerde verkiezingen gekend. Maar met amper 25 procent van de stemmen in Vlaanderen hebben de progressieve krachten niets om op de borst te kloppen: niet de vakbond, niet de mutualiteit, niet de sp.a, niet Groen. Samen hebben we onze sociale welvaart opgebouwd. Samen moeten we weerstand bieden aan diegenen die deze sociale welvaart nu  willen vernietigen. Maar samen zullen we ook geloofwaardige progressieve antwoorden moeten bieden op de vragen van die 75 procent Vlamingen. Met de vakantie is nu ook de speeltijd voorbij. Tegenover al  dat asociaal geweld hebben we één antwoord. Het is het antwoord waarop de vakbeweging gebouwd is: het is weer TIJD VOOR SOLIDARITEIT.
 
Herwig Jorissen
Voorzitte

Energiekost zet bedrijven buitenspel

Terwijl het land nog in een WK-roes leeft, proberen de politici tussen de wedstrijden door op alle niveaus regeringen op de been te krijgen. Zoals in het voetbal kan ook op het politiek vlak (op het moment dat we dit edito schrijven) de bal nog alle kanten op. Wat de uitkomst ook mag zijn, het zal een regering worden die de klemtoon zal leggen op het socio-economische. En die focus is alvast goed. Alleen zal de insteek en het resultaat voor de werknemers een wereld van verschil zijn.



Onze industrie moet competitief zijn. Daar is niets mis mee. Ook de werknemers in dit land hebben voordeel aan sterke bedrijven. Maar sommigen focussen maar al tegemakkelijk op loonkost en anderen op indexsprongen. Alsof de werknemers in dit land schuldig zijn aan het verlies aan competitiviteit van de Belgische industrie. Het zijn niet de Belgische werknemers die verantwoordelijk zijn voor het gebrek aan innovatie in onze bedrijven. Het zijn niet de werknemers die het beleid in de bedrijven bepalen, die te weinig investeren in opleiding….



Zelfs als het op kosten aankomt, heeft onze industrie heel wat andere katten te geselen dan alleen maar de zogezegde loonkost. Nyrstar heeft een zinkfabriek in Balen en eentje in Bundel in Nederland, amper dertig kilometer verder. Maar die dertig kilometer betekenen een verschil van miljoenen euro’s. Niet door de loonkosten, maar door de energiefactuur. Beide fabrieken hebben een identieke capaciteit, maar het verschil in elektriciteitskosten bedraagt 8 miljoen euro per jaar. Het verschil met de Duitse fabrieken is nog groter en loopt op tot 13 à 14 miljoen euro per jaar.


Wat geldt voor Nyrstar, geldt vanzelfsprekend voor de ganse industrie. Volgens een studie van Deloitte betalen grote industriële bedrijven in België gemiddeld 9 tot 47 procent meer voor hun aangekochte elektriciteit dan in de buurlanden. Zelfs als we de patronale cijfers inzake loonkost zouden moeten geloven (en daar is geen reden toe), dan swingen de energiekostverschillen met onze buurlanden echt de pan uit.De energiefactuur bij een bedrijf als Totalvertegenwoordigt maar liefst 50 procent van de totale kosten, méér dus dan de loonkosten (25 procent).



Misschien kunnen we de loonnorm beter laten voor wat hij is, vrije onderhandelingen in ere herstellen en een energienorm installeren? Want inhaalmaneuvers en compensaties geven anders alleen maar aanleiding tot gelijkaardige ingrepen door de regeringen van onze buurlanden. En we moeten ook niet dezelfde weg op alsDuitsland waar de consumenten door middel van hogere energieprijzen de goedkopere energie van de bedrijven financieren.



Een WK voetbal maakt heel wat energie los. Misschien kunnen de politici die aanwenden om iets te doen aan de kost ervan?!



Herwig Jorissen


Voorzitter